Constanten
Je zal het const keyword hier en daar in codevoorbeelden zien staan. Je gebruikt dit om aan te geven dat een variabele onveranderlijk is én niet per ongeluk kan aangepast worden. Door dit keyword voor de variabele declaratie te plaatsen zeggen we dat deze variabele na initialisatie niet meer aangepast kan worden.
Volgende voorbeeld toont in de eerste lijn hoe je het const gebruikt. De volgende lijn zal dankzij dit keyword een error geven reeds bij het compileren en jou dus waarschuwen dat er iets niet klopt.
const double G_AARDE = 9.81;
G_AARDE = 10.48; //ZAL ERROR GEVENMerk op hoe we de const variabelen een identifier geven: deze zetten we in ALLCAPS. Hierbij gebruiken we een liggend streepjes om het onderscheid tussen de onderlinge woorden aan te geven. Dit is geen verplichting, maar gewoon een aanbeveling.
Een los getal midden in je code, zonder naam, noemen programmeurs een magic number. Wie prijs * 1.21 leest, moet zelf raden wat die 1.21 betekent. Staat datzelfde getal op tien plekken, dan moet je het ook op tien plekken aanpassen als het verandert. Een constante met een duidelijke naam lost dat op: bij prijs * BTW_FACTOR zie je meteen wat er gebeurt, en het getal staat maar op één plek.
Er worden vele filosofische oorlogen gevoerd tussen ontwikkelaars over de plek van constanten in code. In de C/C++ tijden werden deze steeds bovenaan aan de start van de code gegroepeerd. Op die manier zag de ontwikkelaar in één oogopslag alle belangrijke variabelen en konden deze ook snel aangepast worden. In C# prefereert men echter om variabelen zo dicht mogelijk bij de plek waar ze nodig zijn te schrijven, dit verhoogt de modulariteit van de code: je kan sneller een flard code kopiëren en op een andere plek herbruiken.
De applicaties die wij in dit boek ontwikkelen zijn niet groot genoeg om over te debatteren. Veel bedrijven hanteren hun eigen coding guidelines en het gebruik, naamgeving en plaatsing van constanten zal zeker daarin zijn opgenomen.