2. Je instructies

De regels die voor elk gesprek in je project gelden

De robot op de tekening krijgt mijn bril en mijn snor toegeworpen. Met je instructies gaat het iets subtieler. Je instructies zijn de afspraken die je anders in elk gesprek opnieuw zou typen: voor wie je schrijft, hoe je schrijft, wat er altijd bij moet, en wat nooit. Ze passen op een halve pagina en gelden voor elk gesprek in je project.

Tekening. Een lector houdt een blad omhoog met een rode bril en snor erop getekend, en een paar doorstreepte regels. Een rode nepbril met snor vliegt door de lucht naar een robot, die er blij zijn handen naar uitsteekt.

De instructies voor De cel

In de startmap staan ze in het document Instructies. Zes regels:

- Schrijf voor leerlingen van 15 jaar, korte zinnen, geen vakjargon zonder uitleg.
- Elk stuk tekst hoort bij een leerplandoel uit Leerplandoelen. Zet het doel en het beheersingsniveau erboven.
- Na elke paragraaf: twee oefeningen, een makkelijke en een moeilijkere.
- Laat onder elke vraag ruimte voor het antwoord (vier lege lijnen).
- Verzin geen bronnen. Weet je iets niet zeker, zeg het.
- Stijlvoorbeeld toont hoe ik schrijf. Volg die toon.

Elke regel zegt iets dat je kan nakijken. “Schrijf duidelijk” kan je niet nakijken. “Vier lege lijnen onder elke vraag” wel: je telt ze. De tweede regel is de belangrijkste: daarmee vertrekt elk stuk tekst vanuit een doel uit je leerplan, met het juiste beheersingsniveau.

Onder die zes regels hoort nog iets: de reden van elk document in je map, uit stap 1, in één zin. De AI leest je documenten dan niet enkel, ze weet ook wat ze ermee moet.

Mijn documenten:

- Leerplandoelen: de doelen van dit hoofdstuk, met hun beheersingsniveau. Hier vertrekt alles.
- Beginsituatie: wat mijn leerlingen al kennen, en wat nog niet.
- Stijlvoorbeeld: twee stukken die ik zelf schreef en goed vind.
- Hoofdstuk De cel: mijn cursus zoals ze nu is.

Kan je voor een document geen zin schrijven? Dan hoort het niet in je map.

Schrijf dan je eigen versie. Toegegeven, na twintig jaar lesgeven zitten er makkelijk twintig afspraken in je hoofd, en het is verleidelijk om ze er allemaal in te zetten. Toch: begin met drie regels en niet met twintig. Wat ontbreekt, merk je vanzelf. Hoe je het dan aanvult, staat onder Bijsturen.

Zet ze in je project

  1. Open je project uit stap 1.
  2. Plak de regels in de instructies van het project (Instructions).

Bewaar je instructies ook als Word-document in je map. Wil je later een regel aanpassen, doe het dan eerst in dat document en plak de tekst daarna opnieuw. Zo heb je altijd één versie, ook als je ooit van tool wisselt.

OpmerkingIn Copilot

Klik in je notebook rechtsboven op de drie puntjes, en dan op Instructies. Plak de regels erin en sla op.

Je eigen stem

Tekening. Een robot met rode nepbril en snor staat naast een lector met een bril en een snor. Ze steken allebei dezelfde vinger op, in dezelfde houding.

Twee teksten die je zelf schreef en goed vindt, tonen de AI hoe jij klinkt. In de startmap is dat het Stijlvoorbeeld: twee stukken van een leraar biologie die alles brengt als een sportcommentator. “Goeiemorgen, dames en heren, en welkom in het stadion van je eigen lichaam!” Bewust overdreven (lees: compleet over de top), want zo zie je meteen of de AI de stijl overneemt.

Kan je zelf in een paar regels zeggen hoe je schrijft? Wellicht niet, want die regels heb je nooit opgeschreven. Laat de AI ze dus uit je teksten halen. Dan staan ze op papier, en kies jij welke je herkent.

De teksten in mijn document Stijlvoorbeeld heb ik zelf geschreven en ik weet dat ze goed zijn. Wat zijn de regels die deze teksten volgen? Geef ze als een lijst waar ik het mee oneens kan zijn, en maak elke regel zo dat ik ze kan nakijken.

Lees de lijst. Schrap wat je niet herkent. De regels die overblijven plak je onder je instructies, als blok Mijn stem. De zesde regel (“Volg die toon”) verwijst ernaar, het blok is de uitwerking, net zoals Mijn documenten de reden van elk document uitschrijft:

Mijn stem (uit Stijlvoorbeeld):

- [de regels die jij herkende]

Plak de instructies daarna opnieuw in je project, zoals hierboven.

Test het

Laat de AI eerst eens je instructies nalezen, voor je ermee aan de slag gaat:

Lees mijn instructies. Welke regel kan je niet toepassen, of begrijp je niet?

Dan het hele project in één vraag, in een nieuw gesprek. Je hebt niets opnieuw gegeven, en toch hoort de AI het te weten:

Voor welk vak en welke klas werk je hier? Wat kennen mijn leerlingen al, en welke afspraken volg je? Zeg bij elk antwoord uit welk document je het haalt.

En dan een eerste echt stuk tekst:

Schrijf de paragraaf over de celkern, volgens mijn instructies. Zeg daarna welke regels uit mijn instructies je toegepast hebt.

Kijk na met je instructies ernaast. Staat het leerplandoel erboven, met het beheersingsniveau? Staan er twee oefeningen, een makkelijke en een moeilijkere? Vier lege lijnen onder elke vraag? En roept de tekst ergens “dames en heren”? Staat er een regel uit je blok Mijn stem niet in? Mist er iets, dan is de regel niet duidelijk genoeg. Pas ze aan in je document, en plak ze opnieuw.